België, een talige uitdaging op zich

België is een land dat me altijd gefascineerd heeft en, zo lang het nog bestaat, dat ook nog zal blijven doen. De eeuwige taalstrijd die daar gaande is, torent boven alle andere taalstrijden in andere landen uit. Natuurlijk, in Québec (Canada) is er ook altijd strijd tussen Frans en Engels en ja, in Catalonië hebben ze ook overal tweetalige en soms zelfs alleen Catalaanstalige bewegwijzering. Maar de taalstrijd in België snijdt het land letterlijk in tweeën: zelfs in Brussel.

Lees verder “België, een talige uitdaging op zich”

Het leven van leestekens

leestekens

Je zult misschien denken: waarom een blog over leestekens? Dat eeuwige gezanik over het gebruik van komma’s en puntkomma’s: dat is natuurlijk helemaal niet zo interessant. Als je wil weten hoe je komma’s moet gebruiken, kun je dat gewoon opzoeken op internet.

Toch is er wel degelijk wat interessants te melden over de alternatievelingen onder de leestekens en de aanleiding voor dit blog was de show ‘Maar ondertussen’ van Paulien Cornelisse. Dat was alweer in maart, maar Paulien introduceerde toen nieuwe leestekens en sinds die dag, alweer drie maanden geleden, heb ik het gevoel dat daar een blog over geschreven moet worden. Paulien vond dat namelijk dat er niet genoeg leestekens waren: ja, er zijn er natuurlijk al superveel en het is nu al lastig om de komma, de dubbele punt en de puntkomma uit elkaar te houden, maar toch is er kennelijk een behoefte aan meer leestekens zodat we onze gevoelens beter op schrift kunnen verwoorden.

Lees verder “Het leven van leestekens”

Going Dutch

Hollands of Nederlands? Het Nederlands laat zich niet makkelijk vatten in begrippen. Als je het over Nederlands hebt in het Italiaans, heb je het over olandese. In het Spaans en Frans wordt naast holandés/hollandais ook de term neerlandés/neerlandais gebruikt, hoewel lang niet door iedereen. Maar in Italië zal slechts een enkele taalwetenschapper je begrijpen als je het over neerlandese hebt.

Lees verder “Going Dutch”

Te land, ter zee en in de lucht: de naamval in het Nederlands

telandtezeeindelucht

Het is één van de voornaamste reden waarom mensen Duits moeilijk vinden: de naamvallen. Ooit had het Nederlands ook naamvallen, en in die zin is het eeuwig zonde dat het naamvalsysteem afgeschaft is omdat het het leren van Duits stukken makkelijker gemaakt had. Maar wie denkt dat de naamval uit het Nederlands verdwenen is, heeft het mis: het systeem is verdwenen, maar de naamval is nog in groten getale aanwezig in het Nederlands!

De meest bekende naamval is waarschijnlijk “Den” vanwege de plaatsnamen die daarmee beginnen: Den Haag, Den Helder, Den Dolder… De naam ‘s-Hertogenbosch is de officiële naam voor de plaats die in de volksmond Den Bosch genoemd wordt, en het opmerkelijke daaraan is vooral dat de ene naamval (des) vervangen werd door de ander (den). Wat is er mis met “De Haag”? Kennelijk te veel om daadwerkelijk de plaatsnaam van de naamval te ontdoen. Bij “Den Briel” is de poging om van de naamval af te komen succesvol geweest: deze plaats kennen we heden ten dage als “Brielle” en wordt alleen “Den Briel” genoemd in “hij marcheerde van Den Helder tot Den Briel” omdat “Den Helder” geen genoegen kon nemen met “Helder”.

Lees verder “Te land, ter zee en in de lucht: de naamval in het Nederlands”

Ik ben toch zeker gekke Kloris niet!

klorisenroosje

Vraag me niet hoe, maar tijdens een gezellig etentje vorige week kwam het woord “kloris” ter tafel. Een van de tafelgasten begon over een vraag die wel eens aan haar gesteld was, namelijk: “hoe gaat het met je kloris?” in de zin van “hoe is het met je vriend?” Ik had nog nooit van het woord kloris gehoord, sterker nog, ik wist niet eens hoe je het schreef.

Mijn nieuwsgierigheid was gewekt en ik ging meteen te rade bij het wereldwijde web, zoals altijd als een woord of een vertaling van een woord me onbekend is. Ik moet en zal erachter komen wat het betekent, zo ook met “kloris”. Helaas waande ik het bij het horen van het woord als een latinisme, en zocht ik hoopvol naar “clorus” en vroeg ik me zelfs nog af wat de vrouwelijke variant van het woord zou zijn. Enfin, “kloris” bleek de juiste spelling…

Lees verder “Ik ben toch zeker gekke Kloris niet!”

Sterk verhaal: Op dag 5 schepte God vissen

IMG-20140416-WA0001

Nederlanders zien het Nederlands als een lastige taal en maken en masse taalfouten. Berucht is de dt-fout: was het nou d, t of dt? En als je denkt dat je het onder de knie hebt, zijn er altijd weer addertjes onder het gras zoals willen: is het nou hij wil of hij wilt? De meeste fouten worden vermoedelijk gemaakt met de verleden tijden en met name de voltooide deelwoorden, met gefeliciteert als dieptepunt. Waarom is verhuisd met een d en doorkruist met een t? Ja, iets ingewikkelds met stemhebbende en stemloze klanken, maar gelukkig is er ’t Kofschip. Helaas hebben sommigen wat dat betreft de boot gemist. Zo zag ik een tijdje geleden de volgende tekst, waarbij ’t Kofschip uitgebreid is tot ’t Knofschimp:

 Mocht je vergeten te zijn om te stemmen of helemaal nog niet gestemt? Doe dit dan voor 13 april en zorg dat jullie Havana bekroont wordt tot gezelligste cafe van Capelle!

Lees verder “Sterk verhaal: Op dag 5 schepte God vissen”

Aixeligheden van stedennamur

bolzano-e1391832385608 (1)

Waarom zeggen we wel Londen, Berlijn en Parijs in plaats van London, Berlin en Paris, maar hebben we het niet over Nieuw-York als we het over New York hebben?

Ik heb wel eens horen zeggen dat in verre gebieden de plaatsnaam minder vaak vernederlandst wordt. Die vlieger gaat misschien op voor Buenos Aires, Melbourne of San Francisco, maar weer niet voor Peking. Gelukkig is Peking die befaamde uitzondering op de regel en kunnen we stellen dat het fenomeen van het vertalen van plaatsnamen zich vooral binnen Europa voordoet. Hoewel… Gelukkig?

Lees verder “Aixeligheden van stedennamur”

Popliedjes vertalen

Gisteren las ik op nu.nl dat radiozender 100%NL een nieuw project is gestart: het naar het Nederlands vertalen van buitenlandse hits. Eerlijk gezegd ben ik daar altijd een beetje huiverig voor. Niet voor het vertalen op zich, maar het feit dat het tot een project is. Het dwangmatige van een ‘project’ kan ervoor zorgen dat het creatieve proces aangetast wordt: de inspiratie raakt op, maar er moet wel geproduceerd worden. Ironisch genoeg is datzelfde dwangmatige van toepassing als je jezelf ten doel stelt elke week een blog te schrijven.

Goed, je begrijpt mijn zorgen en misschien deel en herken je die zelfs. Met enige bezorgdheid ging ik luisteren naar het eerste nummer van dit ‘project’ van 100%NL: Ik heb iets, een vertaling van Happy, gezongen door Charly Luske. De titel deed mij met grote vreze vrezen voor wat komen ging, maar ik moet zeggen dat ik het een geslaagde missie vind. Tot nu toe, dan. Luister en oordeel zelf.

Lees verder “Popliedjes vertalen”

Geef ons heden ons dagelijks “broad”

brood

Als veronderstelde linguïst, slash, taalwetenschapper, slash, taalkundige, word ik verondersteld van allerlei talige zaken verstand te hebben. In een niet al te serieuze setting – een verjaardag met veel mensen en veel bier in een niet nader toe te lichten evenredige verhouding – werd bij het zien van een reclame voor de serie “Broadchurch” de volgende vertaling geproduceerd door één van de aanwezigen: “Broodkerk.” Uiteraard kon deze vertaling op veel hoongelach rekenen, zoals eigenlijk alles wat gezegd werd die avond, maar ik herkende mijzelf in deze vertaalfout. Zelf heb ik een bijna intuïtieve neiging liedjes te vertalen en schieten bij mij als ik “Broad, day, li-ight” hoor altijd de woorden “brood, dag, licht” door m’n hoofd. Dus… Maar even serieus: wat betekent “broad” dan wél?

Lees verder “Geef ons heden ons dagelijks “broad””