Een rrreactie op “De Einstein van de letter R”

“De Einstein van de letter R” door Luuk Koelman verscheen op 8 januari in Metro

Beste meneer Koelman,

Gisteren las ik vol ontsteltenis uw column in Metro. In eerste instantie had ik een video opgenomen om hierop te reageren, maar bij nader inzien leek me verstandig om dat wat geschreven is, ook te bestrijden met de pen, of in dit geval door het toetsenbord ter handen te nemen. Ik schrijf maar in het Nederlands, want als ik in het Engels zou schrijven zou ik daar slechts Britten mee dienen, volgens u.  

U schrijft over de letter R en het onderzoek dat drs. Koen Sebregts (42) van de Universiteit Utrecht daarnaar gedaan heeft. In zijn proefschrift concludeert Sebregts dat Nederland maarliefst 20 soorten R’en kent. Buitengewoon cynisch geeft u uw bevindingen weer, als volgt:

Sebregts is nu dus doctor in de R-kunde. Schitterende beelden roept dat op. ’s Ochtends, half zes. Een villa in het Gooi. Op het grindpad voor de deur staat een beschonken man, hemd uit de broek, ongeschoren.

Het raam boven de voordeur zwaait open, een vrouwenhand werpt wat onderbroeken en sokken naar beneden. Onder haar gooit de man zijn hoofd in de nek. „HOERRRRR!” Wat verderop staat Sebregts. Hij pakt zijn blocnote en maakt een notitie.

(…)

Aan het Algemeen Dagblad vertelt Sebregts hoe hij gedurende vier jaar, in tien verschillende steden, vierhonderd mensen in totaal 22.000 woorden liet voorlezen. Altijd in het cafetaria van de HEMA, want „daar komen alle soorten mensen.”

Ook dat roept beelden op. Sebregts die op koopavond naar huis belt.

„Schat, een doorbraak! Ik dacht dat het woord rookworst op zeventien verschillende manieren kan worden uitgesproken. Blijkt er opeens een achttiende manier te zijn! Iemand met een hazenlip in de HEMA in Rotterdam. Begin maar alvast met eten, want dit wordt een latertje.

Vervolgens hoor ik u als het ware zuchten wanneer u over het nut van wetenschappers begint. Gelukkig verwacht u niet van elke wetenschapper dat het een Einstein is, maar wat u wel verwacht is dat al dat kostbare onderzoek relevant is voor de maatschappij. Sebregts heeft immers niet vier jaar, maar twaalf jaar onderzoek gedaan naar de letter R. U doet alsof het een uit de hand gelopen hobby is die betaald wordt met overheidsgeld. Ik geef toe dat Sebregts ook niet van hele goede huize is gekomen om het nut van zijn onderzoek te verdedigen, want zelf zou hij gezegd hebben dat dit onderzoek mensen die moeite hebben de R uit te spreken, kan helpen. Dat lijkt me, inderdaad, niet heel waarschijnlijk.

In het slot van de column slaat u wat mij betreft de plank volledig mis. U vraagt zich af welke logopedist zijn in onleesbaar Engels geschreven proefschrift zou willen doorploegen (overigens was verdient juist die zin in uw column ook niet bepaald de leesbaarheidsprijs). U vervolgt met: “Trouwens, waarom in het Engels? Hoeveel Britten zijn überhaupt geïnteresseerd in de opmars van de Gooise R?”

Nou, meneer Koelman, er zijn wel meer mensen die Engels kunnen lezen dan alleen de Britten. Wat dacht u van de Canadezen, Verenigde Staters, Australiërs en Nieuw-Zeelanders? En dan hebben we het nog niet eens over de mensen die Engels als tweede of derde taal geleerd hebben. Engels is de taal van de wetenschap, zo het Latijn dat vroeger was, en als je wil dat je proefschrift ook in het buitenland gelezen wordt, schrijf je het in het Engels.

Wellicht vraagt u zich af waarom iemand in het buitenland zo’n proefschrift over de Nederlandse R zou willen lezen? Welnu, elke publicatie kan weer dienen als basis voor een ander onderzoek. Wellicht zijn er in Hongarije (ik roep maar wat) ook wel mensen die onderzoek willen doen naar de Hongaarse R en kan dit onderzoek hen een dienst bewijzen. Of wellicht zijn er wel mensen in het buitenland die een lesmethode Nederlands willen ontwikkelen en daarbij op zoek zijn naar een R die het dichtst bij hun eigen R staat. Of misschien wil een Japanse taalwetenschapper wel onderzoeken waarom de R zo lastig te leren is voor Japanners en wil hij daarvoor een case study gaan uitvoeren in Nederland. En wat te denken over de mogelijkheid om onderzoek te doen naar het aantal R’en dat er wereldwijd gesproken wordt? 

Ik hoor u denken dat u het allemaal maar van weinig maatschappelijk belang vindt om dergelijk onderzoek te doen. Wel, er zijn vele vormen van wetenschap waar we onze vraagtekens bij kunnen zetten. Wat is het nut om te weten hoe slakken zich voortplanten? Wat hebben we eraan om de evolutie van de dinosaurussen te onderzoeken? Welk belang dient onderzoek naar de middeleeuwen, die al zover achter ons liggen? Wat mij betreft is wetenschap een belangrijk goed: we komen meer te weten over onze leefomgeving, onze geschiedenis en ons functioneren om uiteindelijk de wereld waarin we leven beter te begrijpen. Erachter komen hoe taalsystemen in ons hoofd werken, hoe taal gebezigd wordt en werd en hoe taal geleerd kan worden, hoort ook bij die, in mijn ogen belangrijke, kennisvergaring.

Behalve dat taal mijn hobby is en ik daarom dit soort onderzoeken sowieso al omarm, is het ook mijn vakgebied. Zelf ben ik docent Spaans en juist daarom zie ik wel degelijk een maatschappelijk belang, namelijk voor ons vreemdetalenonderwijs. Toen ik stage ging lopen in Amsterdam stond ik versteld hoe snel de leerlingen de Spaanse R konden benaderen. Waar ik vandaan kom, de regio Rotterdam, heeft men daar meestal veel meer moeite mee. Nederlanders van beneden de rivieren en de regio Rotterdam veruit de meeste moeite te hebben een goede Spaanse R te ontwikkelen. Andersom is het juist voor bijvoorbeeld mensen uit Noord-Holland lastig om een Franse R, die weer achterin de mond ligt, te ontwikkelen. Zal ik u eens wat vertellen? Mijn handen jeuken om onderzoek te doen naar de Nederlandse R en de verhouding met de Franse, Engelse, Duitse en Spaanse R in het middelbaar onderwijs. Maar het is natuurlijk maar de vraag of u dat nuttig onderzoek vindt.

Er zijn niet veel vormen van wetenschap die een maatschappelijk belang dienen.  Medisch onderzoek, zult u ongetwijfeld zeggen. Maar vergeet niet dat medisch onderzoek ontzettend duur is. Ik heb geen cijfers paraat, maar ik weet wel dat voor het onderzoek naar medicijnen wel iets langer nodig is dan twaalf jaar, en dat er duizenden proeven, testen en procedures uitgevoerd moeten worden voordat het eindresultaat daar is. Zet dat eens tegenover een taalwetenschapper die voornamelijk in zijn eentje onderzoek doet, inderdaad veldwerk doet in de HEMA, en vervolgens met proefpersonen in de weer gaat. Hooguit beschikt hij over een paar assistenten die hem helpen bij het verwerken van de gegevens, maar grote kans dat hij veel zelf moet doen.

Dat kostbaar valt dus nog wel mee. En dat het niets oplevert voor de maatschappij, dat is ook niet helemaal waar. Taal is één van de belangrijkste aspecten die ons onderscheiden van andere wezens op deze aardbol. Dat heeft onderzoek namelijk uitgewezen…

Met de vrrriendelijke groeten.

Advertenties

Een gedachte over “Een rrreactie op “De Einstein van de letter R”

  1. Groot gelijk, maar ik denkt dat dit betoog eigenlijk heel kort en bondig samengevat kan worden: “Wetenschappelijk onderzoek schept waarde voor de maatschappij. Punt.” Dat iemand zoals Koelman, die duidelijk noch verstand van wetenschap noch van economie heeft dit niet in wil zien hoeft niet te verbazen.

    Wat is het nut van steeds diepergaande kennis van bijvoorbeeld dinosauriërs? Tja, er is een geheel segment van de economie die zich daarop baseert. Educative boeken, kinderboeken, speelgoed, films, met als meest bekend voorbeeld het kassasucces van Jurassic Park films, om maar wat voorbeelden te noemen.

    En je kan niet altijd voorspellen of en wanneer bepaalde kennis van betekenis zou kunnen worden. Het maatschappelijk nut van de migratieroutes van vogels bijvoorbeeld lijkt ook ver te zoeken, totdat de vogelpest uitbreekt, natuurlijk. Kennis van rotsformaties in Centraal-Azië lijken weinig interessant, totdat je ze op de achtergrond ziet van zelfgenomen foto’s of opnames van terroristen, waarmee ze dus plotseling te lokaliseren zijn.

    Nee, laat de wetenschappers maar lekker doorwroeten, want er bestaat niet zoiets als nutteloze kennis in werkelijkheid.

    Je kan het ook omdraaien: Wat is het nut dat iemand zoals Koelman lullige rubriekjes schrijft in een online straatkrantje? Tja, ook zijn gezever schept economische waarde, wat mensen meer geneigd kan maken om het krantje te lezen. Ik denk dat ik persoonlijk passeer.

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s