België, een talige uitdaging op zich

België is een land dat me altijd gefascineerd heeft en, zo lang het nog bestaat, dat ook nog zal blijven doen. De eeuwige taalstrijd die daar gaande is, torent boven alle andere taalstrijden in andere landen uit. Natuurlijk, in Québec (Canada) is er ook altijd strijd tussen Frans en Engels en ja, in Catalonië hebben ze ook overal tweetalige en soms zelfs alleen Catalaanstalige bewegwijzering. Maar de taalstrijd in België snijdt het land letterlijk in tweeën: zelfs in Brussel.

Vanavond spelen de Rode Duivels, het Belgisch voetbalelftal, dat dit WK sterker is dan ooit. Het aantal Vlamingen en Walen lijkt redelijk verdeeld, met een lichte overhand voor de Vlamingen. Uitvinden wie precies Nederlands en Frans spreekt is onbegonnen werk: de woonplaats is niet altijd bekend en de geboorteplaats biedt geen garantie (want wie op zijn derde van Leuven naar Namen verhuist, spreekt uiteindelijk toch Frans ondanks zijn Nederlandstalige geboortegrond). De enige manier zou zijn om interviews te analyseren, maar kom op: dit is maar een blog, geen wetenschappelijk onderzoek.

Hoewel ik geen direct antwoord kon vinden op de vraag welke taal gehanteerd wordt in het Belgisch voetbalelftal, is Frans het meest voor de hand liggende antwoord. Het is immers zo dat de Vlamingen over het algemeen wel een aardig woordje Frans spreken, maar dat het aantal Nederlandssprekende Walen dun gezaaid is. En als ze dan al Nederlands ‘spreken’, is dat met een zwaar accent (ik noem geen namen: Elio di Rupo, meneer de premier soi même).

Laatst zag ik een interview met Stromae, waarvan ik pas weet dat hij Belg is (en niet een Fransman) sinds hij Ta fête als WK-lied voor België schreef. Enfin, de echte naam van Stromae is Paul van Haver, een ogenschijnlijk Vlaamse naam (nog een argument dat het achterhalen van de moedertaal van Belgische voetbalspelers onbegonnen werk is). Zijn moeder komt uit Dendermonde (of zoals hij zelf zegt: van Dendermonde), maar zijn Nederlands is niet meer wat het waarschijnlijk ooit wel geweest is. Schande, alors on parle hollandais! Hoe kun je nou het Nederlands verleren als je in België woont? Verleren is misschien een groot woord, maar interviews doet hij niettemin liever in het Frans. Maar, in Vredenburg Utrecht liet Paul wel degelijk in het Nederlands van zich horen. En dat is dan weer gelijk aandoenlijk, of zo.

In België geldt een ongeschreven wet, althans, het is een wet die ik hanteer, namelijk: bij twijfel, spreek Frans. Toen ik in de vierde klas van het VWO zat en we naar Brussel gingen, verkeerden velen in de veronderstelling (mijzelf incluis) dat we daar ook enigszins Nederlands zouden kunnen spreken. Het probleem is dat je nooit zeker weet waar nu Nederlands gesproken wordt en waar nu Frans. Loop je een McDonald’s binnen, weet je niet of daar nu Nederlands verstaan wordt. De toerist doet er goed aan om overal maar Frans te spreken, dat is immers de taal die iedereen spreekt. Voor mij is dat geen straf, want ik vind het leuk om Frans spreken, maar voor anderen kan het een ergernis zijn. Ondanks dat Brussel meer Frans dan Nederlands is, volhardt de stad in tweetaligheid met tweetalige straatnamen, trein- en metrostations en noem maar op. Tweetaligheid is een groot goed, maar soms moet je afvragen of het nog wel zin heeft. Heeft het Nederlands niet allang de strijd van het Frans verloren?

De Vlaamse Nationalisten hebben onlangs de verkiezingen gewonnen en dat biedt perspectief voor het aanzien van het Nederlands in België. Althans, aanzien zal het Nederlands nooit echt krijgen in Waalse gebieden, maar de taalgrens zal in ieder geval met man en macht verdedigd worden. Toch lijkt een échte oplossing verre van dichtbij: de Vlaamse Nationalisten zien het liefst Vlaanderen zelfstandig worden, maar de eeuwige vraag zal blijven: wat te doen met Brussel? Geografisch gezien ligt het omsloten door Vlaanderen, maar taalkundig gezien is het eerder een Franstalige dan een Nederlandstalige stad. Wellicht is het aan Brussel de eer om officieel de staatsloze hoofdstad van Europa te worden à la Washington D.C.

België is een talige uitdaging op zich. Enkele blogs eerder had ik het al over vertalingen van plaatsnamen: dat kan in België niet op. Maar de uitdaging zit hem vooral in het achterhalen van waar Nederlands en waar Frans gesproken wordt langs de taalgrens, in het bijzonder Brussel. En nog lastiger is om te achterhalen of iemand Frans- of Nederlandstalig is. Want Thibaut Courtois, doelman van de Rode Duivels, spreekt Nederlands en maestro Paul van Haver  spreekt Frans… Wat een fête.

Vanavond om 18.00: België-Algerije. Tip: zet de TV op de Belgische zender!

Advertenties

Een gedachte over “België, een talige uitdaging op zich

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s